Studiegids 2011-2012

Studiegids Academie van Bouwkunst Amsterdam

Woord vooraf

Het stof lijkt enigszins neer te dalen in de ontwerpende disciplines en langzaam worden de contouren zichtbaar van een nieuwe status quo: kleinere, meer gespecialiseerde bureaus, een kleinere markt, voorzichtiger opdrachtgevers en meer gefaseerde opdrachten. Maar ook nieuwe opgaven, meer gericht op duurzame transformaties en hergebruik. Van de ‘zware’ investeringen van de afgelopen twee decennia met veel grote nieuwbouwprojecten gaan we over naar ‘lichtere’ ingrepen in gebouw, stad en land.
Voor architecten, stedenbouwkundigen en landschapsarchitecten hoeft dit niet negatief te zijn. Lichter betekent in de praktijk in veel gevallen complexer, aangezien meer met minder moet worden gedaan en de tabula rasa steeds vaker een al grotendeels gevuld blad is. Niet toevallig duikt het begrip ‘smart city’– ook als semesterthema voor de Academie van Bouwkunst dit studiejaar - steeds nadrukkelijker op. En dat betekent een uitdaging bij uitstek voor het vak en voor het onderwijs: op zoek naar slimmere, eigenwijzere, meer duurzame oplossingen voor steeds complexere vraagstukken.  

Net voor de zomer kwam er wat meer duidelijkheid in de toekomst van het kunstonderwijs. Grote bezuinigingen liggen vooralsnog niet in het verschiet. Wel een verdere concentratie en profilering. Of het geld dat uit de beoogde krimp van de bachelors vrij komt ook behouden mag worden en benut voor versterking van de bestaande (voor)opleidingen en het onderzoek is nog niet zeker.
Zeker is wel dat de langstudeerdersmaatregel doorgaat. Academiestudenten worden nog slechts bekostigd voor maximaal vijf jaar masterstudie. Dat kan zowel voor de student (boete van € 3000 per extra jaar ) als de Academie (wegvallen van bekostiging) een flinke aderlating betekenen. De maatregel gaat in per september 2012 – volgens de laatste stand der dingen – maar al bij de komende begroting zal hier rekening mee gehouden moeten worden.  

Verbetering van de doorstroom – waar met de reorganisatie van het afstudeerproces al langer aan is gewerkt – wordt daarmee een acuut thema. Komend jaar zal daarom een aantal wijzigingen worden doorgevoerd in het derde jaar. De P5 en de P6 krijgen een andere structuur en de 05 en 06 worden aangepast. Met de invoering van een ‘clinic’ aan het einde van het eerste semester krijgen studenten de mogelijkheid om onder begeleiding doelgericht aan specifieke aspecten van hun ontwerpvaardigheden te werken. Dit om herhalingsopdrachten te voorkomen. Aan het einde van het tweede semester wordt tijd gereserveerd om – parallel aan de O6 – te werken aan het afstudeervoorstel. Doel is om een vloeiender overgang te maken van het derde jaar naar het afstuderen. Duidelijk zal zijn dat deze maatregelen niet ten koste mogen gaan van de kwaliteit van het onderwijs. Dat dit jaar voor de derde maal op rij (en voor de vijfde maal in zes jaar) een student van de Academie van Bouwkunst Amsterdam de Archiprix won zegt iets over het behaalde niveau. En dat willen we niet kwijtraken.

De praktijkateliers zullen komend jaar worden voortgezet. Vooruitlopend op een structurele oplossing voor de vraag hoe op termijn voldoende praktijkervaring te verzekeren voor alle masterstudenten – inclusief die van de TU’s – om per 2015 te voldoen aan de nieuwe wettelijke eis, zetten we deze succesvolle samenwerking tussen Academie en beroepspraktijk voort. We hopen daarmee in ieder geval de nieuwe eerstejaars, maar ook studenten in de hogere jaren bij aanvang van de studie een relevante werkplek te kunnen verzekeren. Een reeks ateliers is in voorbereiding. In de praktijkbeoordeling zal een aantal wijzigingen worden doorgevoerd, zoals het introduceren van een logboek en het invoeren van een mondelinge beoordeling in het derde jaar.

De Academie blijft nadrukkelijk een ontwerpopleiding en met de toenemende nadruk op het maken is de rol van de vormstudie binnen het onderwijs opnieuw onder de loep genomen. Per 1 september is Arjan Karssen aangesteld als coördinerend docent vormstudies. In samenspel met de hoofden van de opleidingen en de docenten zal hij werken aan een meer directe aansluiting van de vormstudies bij de projecten. Met de benoeming van Martijn Troost tot werkplaatsmeester hopen we ook de technische en artistieke ondersteuning vanuit het maquetteatelier te versterken. Met het oog op deze onderwijsvernieuwingen is de Omloop ingericht als permanente les/werkruimte.

Onderzoek zal steeds nadrukkelijker deel gaan uitmaken van de opleiding, ook als middel om het masterniveau te zekeren. Met de benoeming van Ton Schaap, senior stedenbouwkundig ontwerper bij de dienst Ruimtelijke Ordening van de Gemeente Amsterdam en stadsarchitect van Enschede, wordt het lectoraat ‘Design in Urbanism’ voortgezet. Thomas Oles zet zijn werkzaamheden voort voor het lectoraat 'Living Landscape'. Het lectoraat ‘Material and Design’ van Jan Peter Wingender begint het jaar met een nieuw praktijkatelier gericht op dragende baksteenbouw. In de loop van het jaar worden de eerste resultaten verwacht van een breed opgezet onderzoek naar de (veranderende) toepassing en betekenis van baksteen in de architectuur en stedenbouw in Nederland.

Het genereren van geselecteerde instroom, het bevorderen van uitwisseling en het creëren van laboratoriumsituaties in het buitenland blijven de drie peilers van het internationaliseringsbeleid. Studenten uit 12 landen zijn toegelaten in het eerste jaar; 12 Erasmusstudenten uit 6 landen hebben zich aangemeld voor een uitwisseling. Een Academiestudent vertrekt naar Boston, als kwartiermaker voor uitwisseling met het Boston Architectural College, de enige ‘concurrent’ opleiding in de VS. Twee P5-projecten hebben een workshop in respectievelijk Ghana en São Paulo om in verband met het Smart Cities-thema op locatie onderzoek te kunnen doen. De opleiding Architectuur heeft deze zomer voor de vierde maal deelgenomen aan de Erasmusworkshop ‘local materials’; de opleiding landschapsarchitectuur organiseert in september de tweede EMILA-workshop in Amsterdam en op locatie in Drenthe en Twente; een masterclass met stedenbouwkundige ontwerper en Erasmus-laureaat Joan Busquets, georganiseerd in samenwerking met de European Association for Architectural Education (EAAE), vormt de opmaat naar een aanvraag voor een Erasmus IP-workshop stedenbouw op initiatief van de Academie. Daarmee hebben alle drie de opleidingen een stevige samenwerking met een selecte groep scholen. Gezamenlijke curriculumontwikkeling blijft een wens, maar vooralsnog zorgen deze internationale uitwisselingen voor de nodige kritische reflectie en inspiratie bij studieleiding, docenten en studenten.

Met dit alles zien wij uit naar een enerverend en inspirerend Academiejaar 2011-2012.

Namens staf, studieleiding en medewerkers van de Academie van Bouwkunst,

Aart Oxenaar
directeur